FICTIEVE OEFENCONCEPTTEKST De interviewer en Student A zijn fictieve rollen. Dit is oefenmateriaal, geen empirisch onderzoeksmateriaal. De tekst bevat twee opzettelijk aangebrachte fouten. Er is geen audio-opname en er zijn geen tijdstempels. Vergelijk de tekst met interview-nl-reference.txt voordat je een citaat gebruikt. Interviewer: Wanneer is het moeilijk om een geschikte plek te vinden om te studeren? Student A: Op maandag is de bibliotheek vaak vol. Ik zoek ongeveer twintig minuten naar een rustige plek voordat ik begin met werken. Interviewer: Wat doe je dan? Student A: Onze studiegroep komt drie keer per week samen. We kunnen samen een moeilijke opdracht bespreken, maar de ruimte is te lawaaierig om zelfstandig te lezen. Interviewer: Wat zou het plannen makkelijker maken? Student A: Ik zou graag twee dagen voor de bijeenkomst willen zien welke ruimtes beschikbaar zijn. Ik kan mijn dienst op het werk altijd op korte termijn wijzigen. Interviewer: Wat zou hetzelfde moeten blijven? Student A: Houd een paar ruimtes beschikbaar die iedereen zonder reservering kan gebruiken. Soms heb ik maar een halfuur tussen de lessen nodig.